Leren doe je met je zintuigen

Leren is een complexe gebeurtenis
Leren is een samenwerking tussen je hersenen en je zintuigen.
Je zintuigen brengen de informatie bij de hersenen. In de hersenen worden de verschillende gebieden geactiveerd die de informatie kunnen verwerken tot kennis.

 

Eerst iets over de hersenen
Hersenen ontwikkelen zich bij iedere mens op een eigen unieke manier en tempo.
Vanaf de geboorte worden in de hersenen verbindingen aangelegd door activiteiten die de mens onderneemt. De hersengebieden en hun functies zijn er al.
Je kunt je hersenen vergelijken met een landschap. De hersengebieden zijn dorpen en steden, de verbindingen zijn de wegen. Een stevige verbinding is, als een snelweg, snel. Een zwakke verbinding is, als een zandpad, langzaam. In de hersenen wordt een zandpad door veel gebruik uiteindelijk een snelweg. Daarvoor is tijd en oefening nodig. Je kunt een bepaalde vaardigheid dus pas soepel uitvoeren, als het zandpad dat je nodig hebt een snelweg is geworden.

Twee voorbeelden
Om te kunnen lezen moeten miljarden verbindingen in de hersenen zijn aangelegd om vormen van letters (zien) en klanken (horen) te kunnen verbinden tot uitgesproken woorden en zinnen. Vele delen in het menselijk brein zijn ermee gemoeid.
Bij rekenen gaat het precies zo. Een cijfer lezen, begrijpen en uitspreken vraagt om een vlekkeloze samenwerking tussen vele hersengebieden.
Zijn de gevraagde verbindingen nog niet sterk genoeg of ontbreken ze dan wordt er naar omwegen gezocht om alsnog dat wat er van de hersenen gevraagd wordt (een woord of getal lezen) uit te uitvoeren. En net als in het verkeer duurt een omweg langer dan een rechtstreekse snelwegverbinding. Het leren komt traag op gang, geeft veel problemen of komt helemaal niet gang.

 

Zintuigen zijn de leveranciers van de hersenen
Ieder mens heeft vijf zintuigen: zien, horen, voelen, ruiken en proeven.
In neurologisch onderzoek is aangetoond dat je het beste kunt leren, het diepste kunt leren, door gebruik te maken van zoveel mogelijk zintuigen.

De zintuigen ruiken en proeven spelen een heel belangrijke rol bij het leren in de eerste drie levensjaren van de mens. Kijk maar hoe baby’s en peuters de wereld ontdekken. Ze stoppen alles in hun mond als ze de kans krijgen. Ze beslissen aan de geur of ze hun hapje eten wel of niet willen proberen.
Nu is ruiken en proeven niet direct een zintuig die je in het basisonderwijs bij rekenen of lezen actief inzet. Aan de andere kant kan het wel een enorme belemmering geven bij het leren. Een voor jou onaangename lucht blokkeert leerpaden in je hersenen.
Daarom is het heel belangrijk in een schone en frisse omgeving te mogen leren.

 

De zintuigen: zien, horen en voelen zijn in het onderwijs goed inzetbaar.
Voelen speelt een grote rol in je ontwikkeling, zeker tot je zevende levensjaar. Daarna lijkt het minder belangrijk te worden, maar denk aan je eigen schooltijd. Zijn de leermomenten waarbij je actief was, niet de leermomenten die je je het beste herinnert. Voor mij wel! (lees ook: ’Kennismaking’)
Voelen in groep 1, 2 en 3 verschuift langzaam naar ervaren en onderzoeken in de rest van je leven.

Horen is een zintuig waar ons onderwijs voor 90% op gericht is. Kinderen krijgen bijna uitsluitend auditief de leerstof aangeboden. Daarna volgt de verwerking, maar dan moet de leerstof wel begrepen zijn.
Voor de meeste kinderen is dit een goede manier van leren. Maar niet voor allemaal.

Zien is een heel belangrijk zintuig, dat in het onderwijs ondergewaardeerd wordt. Het spreekwoord ‘eerst zien, dan geloven’ spreekt ook jou vast tot de verbeelding. Bij het zien van de leerstof krijg je (soms letterlijk) een beeld. Een plaatje is vaak duidelijker dan duizend woorden. Je kunt bijvoorbeeld uren vertellen over de Deltawerken, maar een foto of een filmpje geven meer, beter en sneller inzicht in hoe het eruit ziet en hoe het werkt. Maar ook bij rekenen en lezen is het zien heel belangrijk.

Twee voorbeelden:
Een onderdeel van leren lezen is het ‘hakken en plakken’ van woorden. Dit gebeurt meestal alleen op het gehoor. Neem het woord bal: ‘hakken’ in b a l, ‘plakken’ in bal. Vaak met hak- en klapbeweging. Door de letters b a en l erbij te nemen, wordt het horen door zien ondersteund. Als de kinderen op hun eigen tafel de letters te hebben liggen, kunnen ze het ‘hakken’ en ‘plakken’ zelf doen (voelen).
Een oderdeel van rekenen is het leren van getallen met meer dan één cijfer. Kinderen vinden het niet direct duidelijk dat in het getal 25, de 2 meer waard is dan de 5. Door bijvoorbeeld de 2 groter te schrijven dan de 2 zien ze het verschil in waarde.

In beide voorbeelden kunnen kinderen een ‘plaatje’ of ‘foto’ in hun hoofd maken van het beeld. Sommige kinderen hebben moeite de volgorde van getallen te onthouden. Ze zien bijvoorbeeld huisnummer ‘46’, maar weten even later niet meer of het ‘zesenveertig’ is of ‘vierenzestig’. Door de ‘foto’ die ze in het geheugen hebben opgeslagen op te roepen weten ze het weer: ‘46’ is ‘zesenveertig’. 

Het in evenwicht inzetten van de zintuigen horen, zien én voelen bij het leren, biedt kinderen de mogelijkheid om vanuit hun eigen sterke kant te leren.

Confucius (551- 479 v. Chr.) schreef hierover het alleszeggende: 
“Ik hoor en ik vergeet - Ik zie en ik onthoud - Ik doe en ik begrijp”