Lezen in het basisonderwijs

Op het moment dat het duidelijk wordt dat er sprake is van een leesproblemen, heeft het kind al een heel moeilijke weg afgelegd. Een weg met veel inspanning en ook vaak met veel verdriet. Daarom is het belangrijk dat als je besloten hebt om extra hulp in te schakelen, zo snel mogelijk de juiste leeshulp geboden wordt.

 

Leesprobleem in kaart brengen

Een goede start is belangrijk. Daarom beginnen we met het in kaart brengen van de leesproblemen. Leesvaardigheden en voorwaardelijke vaardigheden om tot lezen te kunnen komen worden bekeken.
Hieruit volgt een plan van aanpak, waarbij het eerst vereist is dat het kind weer vertrouwen krijgt in zichzelf en met plezier de oefeningen uit voert.

Bij ‘Werkwijze’ lees je alle stappen van aanpak.

Speciale aandacht kan uitgaan naar leesfaalangst, verzorging van het werk en (gediagnostiseerde) dyslexie.

 

Lezen in het basisonderwijs is opgebouwd uit verschillende onderdelen:

  • voorbereiden lezen in groep 1-2
    • luisteren en begrijpen van verhalen
    • lezen van prentenboeken
    • letter- en klank-herkenning
  • aanvankelijk lezen in groep 3
    • technisch lezen
    • begrijpend lezen
  • voortgezet lezen in groep 5 t/m 8
    • technisch lezen
    • begrijpend lezen
    • studerend lezen (groep 7-8)

Wat is technisch lezen?
Technisch lezen is de techniek van het lezen. Dat bestaat uit:

  • de letters herkennen bij klank en bij naam.
         bijvoorbeeld de letter k: de klank is ‘k’, de naam is ‘ka
  • de letters in de juiste volgorde aan elkaar ‘plakken’
         bijvoorbeeld: k a t is ‘kat’, en niet ‘tak’
  • een voorstelling kunnen maken bij het woord
         bijvoorbeeld: een kat is een dier.
  • Woorden in een zin aan elkaar kunnen ‘rijgen’ en er een voorstelling van maken
         bijvoorbeeld: ‘de kat spint’ betekent dat de kat tevreden is. Hoe zit het dan met de ‘spin’?
  • Zinnen achter elkaar lezen tot een verhaal
  • Het verhaal kunnen volgen

Wanneer kun je lezen?
Als een kind ontdekt dat overal om zich heen letters en woorden staan die een betekenis hebben en deze letters en woorden gaat lezen, kun je zeggen dat het kind leest. Op dat moment weet het kind dat de letters en woorden samen informatie geven. Dát is lezen. De letters die door de ogen binnenkomen worden in de hersenen (door verbindingen tussen verschillende hersengebieden) omgezet in informatie (kennis).
Als dit eenmaal lukt is het een kwestie van leeskilometers maken. Hierin bouw je al lezende woordenschat op, krijg je inzicht in verhalen, ga je genieten van belevenissen van de hoofdrolspelers of van de spanning. Door veel te lezen gaat het leestempo vanzelf omhoog.

Leesproblemen
Leesproblemen kunnen op verschillende momenten in het onderwijs ontstaan.

De eerste negatieve ervaringen met lezen kunnen zich al in groep 2 voordoen. Tegenwoordig worden de eerste letters en letterklanken al in groep 2 aangeleerd (voorbereidend lezen).

Een echt leesprobleem wordt meestal halverwege groep 3 al zichtbaar (aanvankelijk lezen). Een kind kan bijvoorbeeld letters niet (goed) onthouden, draait letters om, verwisselt letters in een woord, leest andere letters dan er staan, draait woorden om, heeft moeite met letters schrijven.

Voor sommige kinderen komt het leren lezen te vroeg. Bij hen hebben zich nog niet alle voorwaarden om met letters, woorden en zinnen om te kunnen gaan ontwikkeld.

Het kan zijn dat kinderen een goede start maken met lezen maar er in de tweede helft van groep 3 moeite mee krijgen (technisch lezen). Denk hierbij bijvoorbeeld aan geen tempoverhoging, blijven spellen, woorden overslaan of iets anders lezen dan er staat.

Vanaf groep 4 is technisch lezen op de basisschool vooral gericht op het tempo: het racelezen. Bij veel kinderen geeft dit frustratie, ze gaan raden om sneller door de tekst te komen. Daarbij gaat meestal alle leesplezier verloren, doordat ze door een volledige focus op het tempo niet weten wat ze lezen.
(lees onderaan Lezen op tempo)

Als technisch lezen moeizaam gaat, heb je al je aandacht nodig voor de techniek van het lezen. Je kun niet of weinig aandacht besteden aan de inhoud. Het verstoort het leesplezier of er ontstaat helemaal geen leesplezier, soms zelf afkeer tegen het lezen.

Lezen is als fietsen
Je kunt leren lezen vergelijken met leren fietsen. Als een kind maar net de fiets recht kan houden, heeft het nog geen oog voor de omgeving waarin het fietst. Het wiebelt en soms valt het of net niet. Alle aandacht is gericht op de techniek van het fietsen zelf. Na veel oefenen rijdt de fiets mooi recht vooruit, kan het kind om zich heen kijken zonder te vallen, hoeft het niet meer na te denken welke bewegingen het moet maken met de benen en hoe het een bocht kan maken. Ja, het kind kan ECHT fietsen. De fiets brengt het kind overal heen zonder het kind erbij hoeft na te denken. Het fietsen is een manier geworden om een afstand vlot af te leggen.
Zo is het ook met lezen. Als het kind niet meer hoeft na te denken over de namen en klanken van letters, over de volgorde van letters in woorden en over de volgorde van woorden in zinnen, als het begrijpt dat de woorden samen een ‘boodschap’ hebben, dan kan het kind lezen!

 

Begrijpend en studerend lezen

Begrijpend lezen
Vaardig zijn in technisch lezen en begrijpend luisteren zijn voorwaardelijk voor begrijpend lezen.
Begrijpend lezen is begrijpen wat er geschreven staat, de verhaallijn kunnen volgen en de volgorde begrijpen. Het klinkt eenvoudig, maar dat is het niet. Woordenschat en zinsopbouw spelen, samen met algemene kennis een grote rol.

Studerend lezen
Bij studerend lezen kun je informatie in de tekst onthouden en gebruiken voor iets nieuws, bijvoorbeeld een werkstuk.
Bij studerend lezen is het belangrijk dat het technisch lezen en begrijpend lezen voldoende op niveau is.

Problemen bij begrijpend en studerend lezen
De belangrijkste oorzaken van problemen met begrijpend en studerend lezen zijn:

  • technisch lezen gaat moeizaam, waardoor er te weinig aandacht besteed kan worden aan het begrijpen van de tekst
  • geen verbanden kunnen leggen tussen woorden, tussen zinsdelen en tussen zinnen
  • als je niet begrijpt wat je leest kun je de inhoud niet in het geheugen opslaan, je onthoudt het niet.

Problemen stapelen zich op
Moeite hebben met technisch lezen is een ernstige belemmering bij het leren in het algemeen en bij begrijpend en studerend lezen in het bijzonder.
Bij alle schoolse vakken wordt een flink beroep gedaan op leesvaardigheid; ook bij rekenen en wereldoriëntatie en later bij wiskunde, economie en bij studeren in het algemeen.
In het dagelijks leven wordt een groot beroep gedaan op leesvaardigheid: verpakkingen van levensmiddelen, reclame, handleidingen, informatiebrochure, gezondheidszorg, media, etc.

 

Lezen op tempo
Net als bij fietsen komt het leestempo pas als het kind echt kan lezen en niet eerder.
Een langzame lezer is in principe geen zwakke lezer. Een goede lezer is bekwaam op alle drie de leesonderdelen. Je heb niets aan met een hoog tempo kunnen lezen als je de inhoud niet begrijpt.
Lezen op een wat langzamer tempo waarbij je de inhoud wel begrijpt, kan onthouden, verwerken en toepassen is waardevol in het leven.

Leestempo is het laatste waar je je zorgen over hoeft te maak!