Rekenen in het MBO

Je hebt al heel wat rekenkennis en rekenvaardigheid opgedaan. Toch kan het zijn dat je vast loopt. Zeker nu je in het laatste jaar een rekentoets moet maken.

Behalve voor de rekentoets is goed kunnen rekenen ook belangrijk in het dagelijks leven. Heb je moeite met rekenen, dan is het goed er werk van te maken.

De meeste scholen bieden goede oefenboeken aan.
Anders is er genoeg oefenmateriaal op de markt, dat jouw rekenniveau op peil kan brengen. Met dit materiaal komen rekenhiaten (bijna) vanzelf aan het licht.

Meestal weet je zelf ook wel met welke rekenonderdelen je moeite hebt.

Tijdens het eerste contact bespreken we dit, stellen een werkplan op en gaan aan de slag op weg naar succes.

Bij ‘Werkwijze’ lees je alle stappen van aanpak.

Als het voor jou van toepassing is nemen we effectieve werkhouding, tijdsdruk en/of rekenfaalangst mee.

 

Stichting Leerplanontwikkeling (SLO) heeft eindtermen geformuleerd waaraan het leerniveau van kinderen aan het einde van een bepaalde onderwijsvorm zou moeten voldoend Dit noemen we referentieniveaus.

 

Accenten in het rekenonderwijs

Start is afhankelijk van het instroomniveau, vervolgens uitbouwen naar referentieniveau 2F of 3F.

  • verder ontwikkelen van begripsvorming:
    • aandacht voor rekenen met inzicht
    • extra aandacht voor de domeinen 'verhoudingen' en 'meten en meetkunde'
  • ontwikkeling van procedures:
    • (leren) hanteren van procedures op basis van begrip
    • maken van berekeningen op papier en uit het hoofd, op basis van eigenschappen van en relaties tussen getallen en bewerkingen
  • vlot leren rekenen:
    • regelmatig systematisch oefenen in vlot rekenen door sommen te maken
    • het vlot kunnen rekenen onderhouden door het functioneel te gebruiken (gericht op toepassing in theorie- en praktijkvakken)
  • flexibel toepassen:
    • zelfstandig en in samenwerking met anderen, complexe rekenopdrachten oplossen, waarbij meerdere denkstappen gezet moeten worden
    • samenhang en verbanden zien tussen bijvoorbeeld breuken, decimale getallen en procenten, structuur van het metriek stelsel doorzien, en eigenschappen van bewerkingen begrijpen
    • eigenschappen van bewerkingen begrijpen en daarvan gebruik maken bij het uitvoeren en controleren van berekeningen
    • uitleggen welke stappen gemaakt worden.